Onze bestuursleden, redacteuren en andere medewerkers van onze vereniging stellen
zich hieronder aan uw voor.
VOORZITTER: HENK
MULDER

Mijn naam is Henk Mulder en ik ben voorzitter van de WTKG.
Ik ben eerder de penningmeester geweest onder het motto: goed nee kunnen
zeggen en erg zuinig kijken.
Wellicht is dit een goede gelegenheid te vertellen hoe ik bij de WTKG ben
gekomen.
Uiteraard begon ik als jongetje met schelpen zoeken en verzamelen, vooral
Nederlandse, recent en fossiel: op de fiets van Den Haag naar de
schelpenbranderij in Brielle. In de tweede klas van de middelbare school
verminderde mijn belangstelling, tot ik een aantal jaren geleden op een strand
in Bretagne plotseling weer gefascineerd raakte door de schoonheid van
schelpen. Toen ik van een collega hoorde dat je in Wissant op het strand
ammonieten kon vinden, ging ik daar gauw eens zoeken en was direct weer net zo
verslingerd als vroeger.
In het Museon in Den Haag was een
manifestatie van allerlei fossielen- en schelpenclubs. Bij een van de stands
werd ik echt warm van binnen: de WTKG. Ik kreeg zelfs van iemand een ijsdoosje
met gruis uit Miste mee. “Weet uw man wel wat dat is; hij gooit het toch
niet weg?" vroeg de gulle gever aan mijn vrouw. “Kijk maar naar zijn
gezicht”, zei ze. Dat ik vele jaren later zelf in Miste zou kunnen gaan
boren en zoeken, kon ik toen niet bevroeden. Nog minder dat ik penningmeester
van die levendige fossielenclub zou worden.
Sinds 19 maart 2005
ben ik secretaris van de WTKG. Vanaf begin zeventiger jaren verzamel ik
fossielen. Overigens niet altijd even fanatiek. Langere tijd verzamelde ik
resten van Pleistocene zoogdieren (botten, tanden en kiezen) en ook fossiele
planten. Met name in Frankrijk heb ik veel fossiele planten verzameld.
Daarnaast ben ik via ruilen met verzamelaars uit de Verenigde Staten in het
bezit van leuk materiaal gekomen.
Een aantal jaren geleden kwam ik tijdens het verzamelen van fossiele planten in
Toscane min of meer toevallig in aanraking met fossiele mollusken. Niet dat ik
van het bestaan niet afwist, maar toch……………. Sinds die tijd ben ik mij volledig
gaan toeleggen op het verzamelen van schelpen uit het Tertiair. In Italië is
het mogelijk om werkelijk schitterende fossiele mollusken te verzamelen. Vooral
de streek genaamd " Val d' Elsa" biedt zeer goede mogelijkheden tot zoeken.
Momenteel beperk ik mij tot Europese mollusken, waarbij overigens ook wel een
recent exemplaar mag zitten. De hoofdmoot van mijn bescheiden verzameling
bestaat uit materiaal uit Italië. Een schitterend land overigens, waar het tot
op vandaag nog steeds goed zoeken en ook vinden is! De Conidae en Glycymeridae
genieten mijn speciale aandacht.
Het zal nu een jaar of vijf geleden zijn dat ik in aanraking kwam met de WTKG.
Misschien dom, maar ik wist gewoon niet van het bestaan van “onze“ vereniging
af. Afijn, lid geworden en dat is goed bevallen. Uitwisselen van
vindplaatsgegevens enz. enz. En zo wordt je dan ineens secretaris. Ik schijn
daar iets mee te hebben aangezien ik ook al een aantal jaren secretaris van de
afdeling “MaasWaarden” van de NGV ben geweest. Maar goed geen probleem, het past
wel enigszins bij mijn dagelijks werk als Facilitair manager bij een
gemeentelijke organisatie. En tenslotte: “Voor het uitwisselen van
vindplaatsgegevens ben altijd te porren”.
PENNINGMEESTER:
MARTIN CADÉE
Ik ben Martin C. Cadée en
vanaf maart 2007 uw penningmeester.
Mijn lidmaatschap van de WTKG dateert van 1964. Door mijn geologische
activiteiten in die tijd was ik al snel op de hoogte van het ontstaan van de
WTKG in die dagen. Belangstelling voor vooral fossiele schelpen kreeg ik in 1959
in de kleigroeve “de Vlijt” in Winterswijk (ook nu nog toegankelijk!). Mijn
belangstelling gaat vooral uit naar Oligocene mollusken, maar ik heb ook heel
wat mollusken uit andere perioden verzameld. Speciale belangstelling hebben de
groepen Arcoidae, Fasciolariidae en Turridae, de laatste twee groepen zijn ook
in het Oligoceen goed vertegenwoordigd.
Ik heb voor mijn studie gekozen voor scheikunde in plaats van geologie, wat
uiteindelijk heeft geleid tot een baan als leraar scheikunde. Sinds vorig jaar
ben ik met de vut, en is er dus wat tijd om gruisvoorraden een beetje uit te
zoeken, waarbij vooral het Miste-matriaal aan de beurt komt.
Maar excursies blijven toch altijd leuk, ook als er alleen maar wat te zien is,
en weinig te verzamelen. Verder heb ik ook belangstelling voor recente mollusken,
zodat ik regelmatig op het strand kom, om daar de hond uit te laten en schelpen
en roggeneikapsels te zoeken. In het verleden ben ik een aantal jaren secretaris
van de WTKG geweest, als penningmeester heb ik nog geen ervaring, wel was ik een
aantal keren kaskommissie lid. Ik hoop op een prettige tijd als penninmgmeester
van de WTKG met zo min mogelijk wanbetalers (het schrikbeeld van iedere
penningmeester!)
REDACTEUR CAINOZOIC RESEARCH EN AFZETTINGEN: FRANK WESSELINGH
Sinds de medio jaren ’80 is
Frank af en aan betrokken bij de WTKG bestuurswerkzaamheden, sinds 1989 als (mede-)
redacteur van de Afzettingen. In 2004 heb ik het redacteurschap van Cainozoic
Research overgenomen van John Jagt.
In het dagelijkse leven ben ik conservator Cainozoische Mollusca, verbonden aan
Naturalis, en tevens ben ik aan het promoveren aan de Universiteit van Turku
in Finland over mollusken uit het Mioceen van het Amazonegebied.
Ik werk met benthische mollusken. Mijn eigen belangstelling gaat vooral uit naar
Plioceen en Kwartair faunas van de Noordzee, fossiele lang-levende meer faunas
(waaronder het Amazonewerk), en zal in toenemende mate fossiele mariene faunas
van Zuid Oost Azie omvatten.
REDACTRICE AFZETTINGEN: ADRIE KERKHOF
Hallo! Mijn naam is Adrie en
ik ben een boekengek die zich met foraminiferen ging bezighouden. Hoe dat zo?
Mijn boekenmanie had zich in de loop der tijd toegespitst op geologie en op een
dag kwam ik werk van Ten Dam en Reinhold tegen over de Oligocene en Miocene
foraminiferen van Nederland. Gefascineerd door deze microfossielen verzamelde ik
al snel met penseeltje, stopnaald en een sterkeloep bij wijze van ‘microscoop’
mijn eerste collectie uit een hoopje Mistezand.
In 1983 kwam ik bij de WTKG en van 1989 tot 1993 was ik secretaris van de
vereniging.
Tegen het eind van die periode hield ik mij in verband met diezelfde
foraminiferen eerst bezig met Russisch (vanwege de foramliteratuur) en toen nog
eens met computers (vanwege de foramdatabase). Deze bezigheiden gingen echter
zo’n eigen leven leiden dat de forams zelf uit het zicht verdwenen en ongeveer
een jaar later was ik ook geen lid meer.
In 1997 kwam ik echter weer terug, en dook opnieuw in de foraminiferen, alhoewel
niet voor lang. Toen in 1999 de toenmalige redacteur Afzettingen aftrad nam ik
zijn plaats in - zo kon mijn opleiding grafisch ontwerpen toch eens benut worden
(in het dagelijks leven werk ik in een centrum voor natuur- en milieu-educatie).
GEOLOGISCH
SECRETARIS: STEF MERMUYS
Als kind ben ik begonnen met
het verzamelen van recente schelpen, vooral Yerseke was, vanuit mijn
geboorteplaats Middelburg, een geliefde plek. Met fossielen kwam ik pas later in
aanraking toen ik eind jaren zeventig naar Aalst (België) verhuisde. Met de
verenging Xenophora heb ik destijds vele vindplaatsen bezocht en verzamelde
werkelijk alles wat het predikaat fossiel verdiende. Vooral dankzij Marcel
Vervoenen kwam ik in aanraking met tertiaire fossielen. Toen ik midden jaren
tachtig weer in Nederland woonde en voor de Gea excursies organiseerde naar het
Bekken van Parijs, maakte Marcel mij attent op het bestaan van de WTKG. Dat leek
mij wel wat en in 1988 ben ik, mede naar aanleiding van een Miste excursie, lid
geworden, niet wetende dat ik 15 jaar later zelf een Miste-excursie zou
organiseren.
Sinds 1997 ben ik betrokken bij het geologisch secretariaat en organiseer de
excursies voor de vereniging. De afgelopen jaren zijn we in East Anglia en
meerdere malen in het Bekken van Parijs geweest. Regelmatig houden we een
graafactie, dan wordt er met een kraan een ontsluiting gegraven om de
fossielhoudende lagen bloot te leggen. Op deze site staan fotoverslagen van
graafacties in het Deurganckdok,
Heist-op-den-Berg en
Miste. Voor het organiseren van excursies en het uitvoeren van
(veld)onderzoek om nieuwe locacties te vinden is een excursiecommissie
opgericht. Naast de geologisch secretaris werkt ook Anton Janse mee met het
organiseren van excursies. Daarnaast is er op dit moment een vacature. Heeft u
belangstelling?
Mijn interesse gaat vooral uit naar Europese tertiaire mollusken alsmede recent
materiaal. Maar dat neemt niet weg dat ik het Plioceen van Florida of het
Pleistoceen van de Rode Zee aan mij voorbij laat gaan. Steeds weer worden
grenzen verlegd en steeds weer wordt de roep om te beperken sterker.
WEBMASTERS: TON LINDEMANN, SYLVIA VERSCHUEREN
Wij onderhouden deze webstek en zijn begin jaren negentig lid
geworden van de WTKG. De hobby is voor Ton begonnen met ruimtereizen van de
Apollo's naar de maan eind jaren zestig. De volgende stap was de sterrenkunde en
daarin is de aarde een planeet; waarmee ook Ton's geologische interesse gewekt
werd.
Sylvia had een oudere broer en zus die wel
eens met een fossiel thuis kwamen. Reuze interessant, maar tegen de leeftijd dat
ze zelf eens op stap zou kunnen gaan, woonde ze ergens anders, te ver weg van
fossielen.
Onze eerste vakantie samen ging naar de Eifel. Op een storthoop deden we het
fossielenvirus op en het is daarna nooit meer goed gekomen. Ter plekke werden
geologenhamers gekocht. Vele kilo's steen gingen mee naar huis. Dit is sindsdien
een vast vakantiepatroon geworden. Ton vindt het rondkijken in het veld en het
zoeken leuk, Sylvia is degene van de verzamelwoede, prepareren en determineren.
Haar verzamelwoede is zich steeds meer gaan richten op kraakbeenvissen (o.a.
haaien).
ERELEDEN
Arie W. Janssen
John W.M. Jagt
Ruud Wiggers
Anton Janse